't Is weer zover

Al dat afscheid, ik word er niet goed van. Van patiënten, collega’s, familie en vrienden. Daarnet een feestje op het werk, heel ontroerend en wat voelde het goed dat al die mensen kwamen. Ik had fortune cookies en de mijne zei iets van: De tijd is aangebroken om promotie te maken – maak uzelf geliefd. Ola.

Gisteren om middernacht begon ik nog aan een sessie gelukspopjes aan afscheidsstrookjes hangen voor Henri zijn afscheid van het orkest. Een supercoole groep volwassenen en jeugdige geesten. Een uur heb ik zitten knippen en nieten. Vol trots vanmorgen de buit getoond aan Henri. Zijn reply was “We hadden toch afgesproken dat we van die fortune cookies gingen geven.” Mijn body language moet triestigheid uitgestraald hebben, want hij gaf mij een meewarige knuffel. Ik begreep niet goed wat het probleem was. “Twee jaar geleden heb ik hetzelfde gemaakt voor mijn collega’s, en die vonden dat super.”
“Mama”, zegt hij bedaard en vol levenswijsheid. “Volwassenen en tieners denken daar anders over. Volwassenen vinden dat grappig en leuk. Tieners vinden zoiets dwaas en om te lachen.”

De Lente Briest

Aandoenlijk, vond ik het, toen ik woensdagavond rond half acht ‘s avonds langs het station fietste. Al die mensen op de terrasjes. Na al die koude eindelijk eens een beetje warmte. En al heb ik de mooie dagen grandioos aan mij voorbij zien gaan, ik draag al 3 dagen geen muts of handschoenen meer op de fiets, dus ook ik heb er een beetje van genoten.

Morgen vertrek ik naar Wenen. Mijn laatste congres voor De Grote Oversteek, Deel II. Ik ben zot, ik weet het, maar het wordt een boeiend en interessant congres, ik heb heel wat wetenschappelijke dates rond een project dat in mijn hoofd zit. Het is groot, waanzinnig interessant, wat beangstigend, gigantisch veel werk, maar zo challenging dat ik er heel erg blij van word.

Ode aan Brussel

Door omstandigheden (congres, bezoek van collega uit Seattle, mijn visum) was ik de laatste weken een paar keer in de hoofdstad. Ik heb er gemengde gevoelens bij, bij deze stad. Ze is wat te groot voor mij, te onoverzichtelijk, te druk, te onbekend, natuurlijk. Geef mij maar Gent, uiteraard… Maar wat ik de laatste weken zag van Brussel deed me verlangen naar meer: de haat-liefde verhouding is momenteel overgeslagen naar de liefde. Ik geef u een triootje mee.

Het atomium is een schitterende plek. Als de zon op die bollen schijnt, dat is zo schoon. Als ik ooit een andere job nodig heb, solliciteer ik voor bollenwasser.

Die Frida Kahlo tentoonstelling in Bozar moet u gezien hebben. En die van El Greco ook, al had ik daar geen tijd voor (ik moest een trein halen). Ik ben al heel lang een enorme fan van Kahlo: haar leven, haar sterkte ondanks dat zwakke en pijnlijke lijf, die ongelooflijk prachtige schilderijen. En die wenkbrauwen! Ik las haar biografie, zag veel van haar werken in boeken. Ze nu in het echt te zien bezorgde me gigantische kippenvelmomenten. En weer dat verlangen om zelf terug te gaan schilderen.

Pierre Marcolini is mijn held. Hij maakt niet alleen de lekkerste pralines, de luchtigste marshmellows, maar ook de heerlijkste macarons van de ganse wereld. Zijn geld meer dan waard.

Goed begin

“Eigenlijk is uw leven toch serieus goed begonnen, hé Henri”, sprak ik deze ochtend aan het ontbijt in Or, onze vaste stek voor het zaterdags ontbijt. “Om te beginnen met zo twee ouders”, stak ik van wal, omdat een mens af en toe zijn eigen moet complimenteren, vind ik, “en je bent ter wereld gebracht door een gynaecologe die onlangs verkozen werd tot meest verdienstelijke gynaecologe, en nu de Lifetime Achievement Award heeft gewonnen van het British Medical Journal.

Hij was gelijk niet echt onder de indruk. Puh.

Stermerrie

“Mama, ik heb vannacht de ergst denkbare nachtmerrie gehad. Verschrikkelijk gewoon.”

Ik krijg scenario’s van dode geliefden in mijn hoofd, horrorverhalen, spinnen en slangen. Maar neen.

“We hadden op voorhand onze valiezen niet gepakt, we waren veel te laat en er moest de avond voor ons vertrek nog zoveel gebeuren. En daardoor KONDEN WE NIET NAAR STAR WARS IN CONCERT GAAN!”

Quel horreur!

- Trouwens, zou het dit zijn wat Peter Verhelst zoekt?

Kunt ge dat nog eens herhalen?

Henri kent wat van complimenten. Gisteren, in de auto. “Ah, nu weet ik waarom het hier zo bedrukt is in de auto. Omdat mama haar brein heeft meegebracht, en dat is zoooooo groot. En ook haar hart, en dat is nóg groter!”

Ewel, merci, ik was er niet goed van.

Pfiew

Ik ben terug. Van maandagmiddag eigenlijk al, maar na het uitladen van de valies, en voor ik de zoon weer kon terugzien, ging het alweer richting Brussel voor een speaker’s dinner van een congres op dinsdag waar ik moest spreken. Gisteren ging het congres door in het Atomium, schitterende plek! Bijzonder goed congres was het, niet veel deelnemers maar heel geïnteresseerd en de discussies waren heel boeiend. Ik had aan de organisatoren ook een spreker vanuit Seattle gesuggereerd, die gisteren meekwam naar Gent en met wie we vandaag de stad intrekken. Even toerist spelen in mijn eigen stad, onder een stralende zon, het zal deugd doen.
En morgen eindelijk weer aan het werk! Ik durf niet denken aan de stapels die daar op mij zullen liggen wachten…