Tag: henri
We hadden ervan, Henri en ik, gisteravond. We deden bijna in ons broek en onze buik deed pijn van het schaterlachen. Het hele huis daverde ervan.
Dit was de schuldige.
Onder de kastanjeboom graasden twee ezels.
Ie en Aa.
Uit het voorlaatste boek van de onnavolgbare Paul De Moor, Bellen blazen in de violentuin. Ook over Wolfgang Amadeus Mozart.
Ik kijk al uit naar En iedereen ging op zijn mieren zitten.
September 8, 2008
Vanmorgen zwol mijn hart van trots en contentement. Henri vraagt tegenwoordig dat ik hem van de fiets laat srpingen (hij vindt het nog steeds fantastisch om op mijn fiets gezeten als een koning op zijn troon door mij te worden voortgeduwd naar school) op de hoek van de straat in plaats van aan de schoolpoort zoals vroeger… Het leuke is dat ik nu wel een dikke kus en knuffel krijg, daar op die hoek, -zo ver van het alziende oog van zijn vrienden ;-)-, in plaats van die vluchtige kus die meestal in de lucht tussen ons bleef zweven toen ik hem nog aan de schoolpoort afzette. Dus protesteer ik niet, natuurlijk, ik ben ook niet vies van enig opportunisme. Ik fiets verder terwijl hij dezelfde weg te voet aflegt, tot aan de schoolpoort, hij zwaait nog eens en lacht zijn mooiste lach en ik kijk hem na tot hij verdwijnt in zijn wereld… Een mooi begin van mijn dag.
Vanmorgen zag ik hoe hij heel luid en duidelijk ‘Goeimorgen!’ riep naar de juf die bij de schoolpoort stond. Ze had het blijkbaar niet gehoord, de eerste keer, want hij bleef even staan, tot hij haar aandacht had en toen herhaalde hij zijn goeiemorgen. Het maakte me superblij, en wat een vreselijk hectische dag zou worden was zo meteen goed begonnen.
Het stond wel in schril contrast met het gebrek aan respons dat ik kreeg toen ik goeiemorgen zei tegen twee medefietsers die in de fietsparking van het UZ hun fiets kwamen placeren. De ene keek eens verwonderd mijn richting uit, fronste, verzekerde zich ervan dat hij mij niet kende, en liep toen verder. Voor de andere leek ik gewoon lucht. Blik op oneindig, borst vooruit, geen reactie.
Kijk, vriendelijk zijn, beleefd zijn, goeiedag zeggen, het kost geen cent, maar het kan de wereld toch een stukje vrolijker, sympathieker en vriendelijker maken.
(deze post werd gesponsord door de bond zonder naam)
September 5, 2008
- Hij is terug. Onze Allerliefste Zoon. Van die megaknuffels die ik van hem kreeg loop ik weer een tijdje op wolkjes.
- H. gaat morgen binnen om te bevallen van haar dochter. Zoals altijd was ze enorm energiek, grappig en hoewel ze zelf het tegendeel beweert, bijzonder elegant. Altijd een plezier om met haar een babbelke te slaan. Ik kijk er al naar uit om binnenkort dat klein mensje te gaan bekijken, beknuffelen en besnuffelen (niets beter dat de geur van verse baby). Het cadeautje ligt al klaar. Succes b. en h.!
- Ik loop weer over van de energie. Weer een nieuw project op het werk aangenomen. Een nieuwe uitdaging. Wanneer ik dat nu weer ga doen, weet ik niet, maar ik zie het helemaal zitten.
- Morgen mijn laatste werkdag voor een weekje vakantie. Het wordt druk overdag, ik heb een lange lijst af te werken, en ‘s avonds vliegen we er al direct in met Jazz in ‘t Park. Jieha!
August 21, 2008
Vanmorgen kreeg ik telefoon van E., de mama van e., een goeie vriend van Henri. Ze vroeg
me of Henri volgende week kon komen spelen.
Ze vertelde me dat e. een kalender had gemaakt aan het begin van de vakantie, juli, augustus en
september ook. Zijn voetbalwedstrijden (hij is een gigantische voetbalfan), trainingen,
feestjes, vakantie, enz staan er netjes op aangeduid. De leuke dingen staan in het groen, de niet zo leuke in het rood. Maandag 1 september had hij voor de helft rood en voor de helft groen gekleurd. Zijn mama vroeg hem waarom.
“Rood, dat is omdat de school weer begint. En groen, dat is omdat ik eieieieieieieieiendelijk Henri zal terug zien!”
Ik was zo ontroerd toen ik het hoorde. Niets om zo gelukkig om te zijn als om een kind dat
graag wordt gezien.
Zijn mama had onmiddellijk de telefoon genomen en naar mij gebeld. Ik durf wedden dat volgende
week dinsdag een knalgroen kleurtje zal hebben op zijn kalender…
August 8, 2008
‘s Ochtends vroeg in onze badkamer. Henri leest een Jommeke op de wc. Ik sta onder de douche.
Hij: “Het is inderdaad juist wat Prof Gobelijn zegt.” Hij toont van ver een prentje waarop ik zonder bril alleen een wazige vlek ontwaar… “De blauwe lijn ontspringt in Ethiopie.”
“De blauwe lijn?” -als ik mijn bril niet op heb, dan ben ik niet alleen een beetje blind, maar ook een beetje doof. (Kent u die nog van De Kolderbrigade, “Adrie, waar is mijne bril, zodakziewadakzeg” – ja, ik word oud, no need to rub it in)
Henri zei namelijk niet Blauwe Lijn, maar Blauwe Nijl.
“Van waar hebt ge dat nu weer?” vraag ik.
“Uit dat boekje over het Oude Egypte”, zegt hij veelbetekenend. (uit de reeks wat is wat, we hebben het vorige keer uit den delhaize meegenomen). “Maar amai, wat is dat zeg, ‘t is wel leuk ze, maar zo ne wetenschappelijke praat! Het is alsof Professor Gobelijn het heeft geschreven, voor een andere geleerde, Professor Denkekop bijvoorbeeld. Ik zit nog niet eens aan de helft!”
August 7, 2008
Is het de warmte? Is het de regen die als maartse buien in augustus mals naar beneden valt? Is het de vakantie? Is het het geluk omdat hij al zijn vrienden weerziet en de kameraadschap hoogtij viert dezer dagen? Het kan toch niet zijn dat hij last heeft van mijn wacht?
Ik weet het niet, maar Henri loopt zo zot als een achterdeur. Zelfs de noten die hij uit zijn trompet perste maken rare sprongen en vrolijke buitelingen. We hebben ons al een kriek gelachen.
Die kriek, dat is alweer ee typische zomervrucht. Net als de framboos en de blauwe bes die b. vandaag in heerlijke muffins verwerkte.
Zo, een klein stroompje van bewustzijn op deze rare zondag.
August 3, 2008
Gehoord op de Gentsche Fieste. Niet noodzakelijk allemaal vandaag.
Om 10 voor 2, ‘s namiddags: “Zit ut al in eu huufd misschiens?”
Om 2 voor 10, ‘s avonds: Zij:”Ik kan geen ei bakken.” Hij: “Iedereen kan een ei bakken. Kijk.”
Wat een pareltjes alweer gezien op mira miro. Onze stem is binnen (Hors Service op 1, Ready! op 2, Bounce op 3 – het resultaat van rijp beraad tussen mij en mijn zoon). Benieuwd wie de winnaar wordt…
Het Kunstensalon in de Huugpuurte ook nog meegepikt tijdens de pauze van JongJazzTalent, laatste dag. Morgen de winnaars van vorig jaar, Brazzaville! Ole!
Wijze mensen leren kennen. Opvallend weinig bekend volk per toeval tegen het lijf gelopen. Maar kijk, morgen is er nog een dag!
July 27, 2008
Henri kwam vandaag een vriend tegen. Ne maat. Ne kameraad. Het was geleden van voor ons Grote Avontuur dat hij hem gezien had.
We lopen het Spaansekasteelplein op. Henri: “Maar… is dat niet l.??” Een seconde later weerklinkt: “HHHHEEEEENNNNRRRRIIIIIII!!!!” en vliegen ze elkaar in de armen.
“Maar Henri, ik heb nog maar van u gedroomd! Het was een nachtmerrie. Ge waart dood!! Gelukkig zijn dromen bedrog, want kijk, zie u daar staan, ge zijt niet dood! Goh. Mijn bed was helemaal nat. Van de pipi. En de ween. Zo een verschrikkelijke nachtmerrie!”
Ze hebben niet veel gezien van Un poco Carmen, de alweer hilarische, passionele en schone voorstelling van La Guardia Flamenca. Puur Gents Zuiders Amusement. Maar hun plezier en geluk was er niet minder om. Henri straalde van kop tot teen. En l. niet minder.
Fantastisch vind ik dat, die jongenskameraadschap. Zo echt en oprecht, ik word daar week van.
Ook dit zijn de Gentse Feesten. Maten tegenkomen die ge al lang niet meer gezien hebt. En elkaar in de armen vallen.
July 26, 2008
Vroeger trok Henri bijzonder graag met mij overal naartoe. Hij had -net als ik- geen zittend gat. Ik had in hem altijd een bondgenoot als ik een stapje in de wereld wilde zetten. Op de Gentse Feesten was dat niet anders: straattheater, puppetbuskers, pierke, circus in Baudelo, noem maar op, wij togen ernaartoe, met water en fruit en zonnekreem bij de hand.
Dit jaar ligt het blijkbaar wat moeilijker -ik schreef al dat hij een premature puberteit doormaakt. Het eerste uur van JongJazzTalent gaan we altijd mee met b., maar na de pauze, om 15u, start ons schema van poppespel en straattheater en ontsnappen we uit de witte droomtent (die elke dag wat meer naar bier, euh pardon Duvel en Vedett en pipi ruikt), hoe mooi de klanken van de jonge jazzmuzikanten ook zijn. Maar dit jaar moet ik onze zoon echt bijna meesleuren, en het is me zelfs een paar keer niet gelukt, en zo ben ik van pure miserie maar alleen gaan kijken naar bijvoorbeeld de prachtige miniaturen van La Malette. Ik moet toegeven dat ik er een pak minder van geniet zo helemaal alleen… Meneer blijft liever lezen in de tent, naast papa. Tsk!
Vanmiddag trokken we na de jazz richting Spaansekasteelplein. Zeggen dat Henri niet echt enthousiast was kan ongetwijfeld meedingen naar de titel van understatement of the year. Ik jaagde me er een beetje in op. “Er komen artiesten uit gans de wereld, en die spelen zomaar in uw achtertuin de pannen van het dak! Ge zoudt een gat in de lucht moeten springen van contentement!”
Hij slaakte een bijzonder diepe zucht. “Nu is gewoon voor mij het leesseizoen begonnen. En *niet* het theaterseizoen!”, riep hij theatraal uit, zijn handen wanhopig in de lucht gooiend.
Het kon niet wegnemen dat hij schaterde, glimlachte, proestte en gierde bij Hors Service van Joe Sature et ses joyeux osselets op het Spaanse Kasteelplein (een schitterend stuk, als u de kans krijgt, ga ze zien), genoot van de Grote Muziekinstrumenten op de Sint-Baafssite en met open mond zat te kijken naar de jongleur Morgan Cosquer die met Olé voor veel welgemeende ohs en ahs zorgde.
En ik geeft toe dat hem te zien genieten mij enorm deugd deed. Ook al weet ik dat ik mijn kind niet kan vormen of veranderen en dat hij steeds meer van onder mijn vleugels zal komen en zijn eigen keuzes zal maken zonder dat ‘moeder’ zich daarmee te moeien heeft…
U ziet, de Gentse Feesten zijn ook een periode van diepere gevoelsmatigheden en contemplatieve bezigheden.
Amen. En tot morgen voor Dag Zes (help!)!
July 24, 2008
“Mama, Romeo en Juliet, is dat een griezelig verhaal?”, vraagt hij, terwijl hij voor de laatste keer voor vandaag op het toilet zit. Dat moment is er vaak een van contemplatie, zoals u merkt. Griezelverhalen waar hij overdag zo verzot op is, wil hij in de schemerzone voor het slapengaan liever niet horen…
Ik ben een beetje verrast door zijn vraag. “Griezelig is het verhaal niet”, zeg ik, “maar wel heel triestig.”
Triestigheid blijkt hem op dit uur niet af te schrikken, want hij vraagt of ik het verhaal dan wil vertellen, terwijl hij verder doet wat hij moet doen (hij houdt van gezelligheid, tot in de badkamer, mijn zoon).
Ik vertel hem over clans, bendes en een liefde die verboden is.
“Waren dat dan een soort Hangjongeren?”, vraagt hij heel serieus.
Ik bedwing mijn lachen, geef hem een kus op zijn voorhoofd en woel door zijn haren. Mijn klein groot ventje.
July 12, 2008
Previous page