Ik: “Henri, uw tanden zijn echt schoon ze. Ze groeien mooi uit.”

Henri had 1 tand vooraan die zo wat scheef stond. Hij staat nog altijd niet recht, maar het wordt steeds beter, naarmate hij groeit. En plots lijken zijn tanden ook niet meer zo veel te groot voor zijn mondje.

Ik vervolg: “Het is wel lang geleden dat ge nog nekeer een tand hebt verloren he.”

Hij: “Ja. Er staat zelfs geen enkele nog maar een klein beetje los.”

Denkt na.

“Misschien moet ik eens alleen maar mijn Volwassen Tanden poetsen. Dan vallen die andere wel vanzelf uit. Van de rottigheid.”

Ja, die zoon van mij, met zijn Verlichte Ideeen. Die gaat de wereld nog eens veranderen, zijt daar maar gerust van.

Advertenties