Het leven van een vrijetijdsschilder kan hard zijn. Vanavond tot kwart voor tien buiten aan mijn muurproject gewerkt. Tot mijn ogen enkel nog dansende vlammetjes zagen.
Ik had een perfect plan, ik had het ontwerp voor mijn muurschildering op papier gezet, transparantje van gemaakt, en dan nog even projecteren op de muur en het schilderen kon beginnen. U gaat dit niet geloven, maar het was te licht (u leest het goed, te helder, te weinig donker dus) voor de projectie. De meeste stukken heb ik eerst met wit potlood uitvergroot nagetekend uit de losse pols (ik mag zeggen dat ik daar nogal goed in ben, ik heb tijdens mijn academiejaren weeping woman van Picasso nageschilderd van een postkaartformaat, en dat is vrij geslaagd, vind ik toch), maar voor een nogal complex element zag ik dat toch niet zitten, en het enige alternatief was schilderen bij valavond, en eens Henri in zijn bed genesteld toog ik daarnet in mijn schilderskleren naar buiten. Het was best gezellig, zo in de tuin, in het licht van de projector. Nagiko was supercontent en zat als een trouwe hond onder aan mijn ladder -voor alle duidelijkheid, Nagiko is een kat(er). Iets minder gezellig werd het toen een briesje mijn transparant ietsje verschoof (aaaarrrrggghhhh), en ik er maar niet in slaagde het ding weer op de goeie plaats te mikken (vergeet niet dat het helemaal avererchts en omgekeerd en in spiegeldink moest en ik heb een kronkel in mijn hersens die dat nog meer in de war stuurt, pure horror dus). Maar het is goed geeindigd want mijn ding is geschilderd en ik heb -denk ik- niet gesmost en mooi binnen de lijntjes gekleurd.

Nu nog zien hoe het er morgen bij daglicht uitziet. Want eigenlijk zag ik al niet meer zo scherp, ge zou zelfs kunnen zeggen een beetje flou, zo naar het einde toe…
Die horror, trouwens, die kreeg ik nog een keer, want toen ik naar boven kwam zat b. naar The Reaping te kijken.

Advertenties