Het is een dooddoener, en niet echt origineel, maar eigenlijk was het ook het woord dat in mij opkwam toen ik met Henri naar de inauguratie van Barack Hussein Obama zat te kijken. Het leverde volgende citaten op. Van Henri, niet van Obama, voor alle duidelijkheid.

“Mama, hoeveel vrouwelijke presidenten zijn er al geweest in Amerika?”
Ik: “geen één.”
Zijn uitgesproken verbouwereerdheid toen hij uitriep “geen één??” deed mij wel plezier, eigenlijk. Maar daarmee is er natuurlijk nog steeds geen vrouwelijke president geweest, he.

Over Aretha Franklin:
“Ja, die kan inderdaad heel erg goed zingen.”

Over de president himself, net voor zijn rede.
Ik: “Zou hij nu zenuwachtig zijn, Barack Obama?”
Hij: “Ja, natuurlijk.”

Over de president himself, tijdens zijn rede.
“Het is een groot redenaar.”
“En een filosoof.”

Advertenties