“Wow.”, zegt hij, en hij wrijft likkebaardend in zijn handen.

Zijn vader bracht net -na een heerlijk voorgerechtje met een scampi en een tartaar van kabeljauw- een heerlijk op het vel gebakken dorade op tafel, vergezeld van een tomatensalade en couscous.

“Dit wordt een verwenweekendje”, gaat hij -nog steeds handenwrijvend- verder.
“Mama, ik denk dat jullie dat verwenweekendje (volgende week gaan we eindelijk onze bongo bon voor een welnessweekend verzilveren) niet meer gaan nodig hebben.”

“Hoezo?”, vraag ik, domweg.

“Vindt ge dan niet dat ge hier thuis niet genoeg wordt verwend?”

Advertenties