“Mama, ik zit met een probleem.” zegt hij vanmorgen serieus.

Ik knik geïnteresseerd en stimuleer hem om meer te vertellen.

“Ik heb met m. gewed voor 500 euro dat het gisteren typles was. Hij en l. waren ervan overtuigd dat het géén typles was. Maar ik wist dat het wél typles was. M. was nogal zeker van zijn stuk en wou wedden voor 500 euro. Hij wou wel een bewijs zwart op wit op papier zien. Maar, dat had ik! Ah ja, ik had mijn lijstje mee met de data van de typles.”

Hij laat een nadrukkelijke pauze vallen.
“En nu wil m. die 500 euro niet geven.”

Advertenties