Kent ge ze nog, Kortjakje? Normaal gezien ben ik haar tegenpool: ziek worden in de vakantie is meer mijn ding, of tijdens een verlengd weekendje. Maar kijk, nu kondigde zaterdagochtend verbetering aan na drie zieke werkdagen: als ik mijn mond opendeed kwam er iets meer dan gepiep uit, wel nog wat zwoele heesheid. Hoest was er nog, maar koorts en geslagenheid waren weg. Dus lukte het om nog wat boodschappen te gaan doen voor ons feestje van ’s avonds. Ik voelde wel dat ik mijn lijf niet mocht overzetten (mijn eeuwige fout), en heb dus ook tijd gemaakt om te rusten. En het werd een heerlijke avond.

Zondag bracht nog meer beterschap, en zo kon ik buiten verwachting toch genieten van een erfgoeddag vol vriendschap. Brunch op het museumplein, ontroerend mooie jazz in het MSK, kunst door kleine handen (coole graffiti voor Henri, lieflijke taferelen en mooie kleurtjes voor metekind m.), en bruggen (maar henri maakte een schaalmodel van de boomhut die hij zo graag wil) bouwen met kabouterplankskes in het STAM.

Maar het mooiste citaat van het weekend komt van m.: “Maarrr (gentse r) ijs, da’s wel koud, he?”

Advertenties