Die grootouders van mij, dat zijn toch ongelooflijke mensen. Ze maakten de laatste dagen weer wat door, vooral zorgen om een ander, en gelukkig gaat het op dat vlak al beter, maar ze blijven optimistisch en zo ongelooflijk grappig.

Gisteren nog, aan de telefoon. Pepe vertelde me dat hij slecht op zijne gang was (artrose). Tja, wat wil je op je 93ste. Ik zei dat hij nu eenmaal geen drie maal zeven meer was hé. “Ja”, lachte hij, “dat is waar.” In de verte hoorde ik meme iets roepen. “Wat zegt ge G.?”, vroeg pepe. “Dat het in bedde uuk giene vetten meer is“, hoorde ik haar in de verte gniffelen. Het gevoel voor humor van mijn meme, daar kan geen ene standup comediant tegenop. ‘Meme zegt dat het in ’t bedde uuk giene vetten meer is“, gniffelde nu pepe. “Ja”, voegde hij er nog lachend aan toe, “bij ons is ’t tegenwoordig poepe tegen poepe!”

Drieënnegentig en negenentachtig. Alstublieft. Dankuwel.

Advertenties