Hebben we al gezegd hoe we er telkens weer in slagen geweldig coole ontbijtplekken te vinden? Zo van die authentieke all-american diners, warme ontvangst, lekker eten, heerlijk sfeertje. Dat moeten ze meer doen, de Amerikanan, gewoon hun eigen ding doen, niet altijd van dat fake europese gedoe of van die verschrikkelijk ongezonde fastfood. Vanmorgen belandden we in Palm Café in Orick, een dorpje van een paar huizen, een motel/café en een ranch. We raakten er aan de praat met een heel sympathieke en pure mens die voor de paarden en koeien zorgt van zijn ‘landlord’ die even verderop de heuvel een ranch heeft. Belgium deed geen belletje rinkelen, tot hij plots besefte dat ze twee heavy Belgian work horses hadden, Duke en Sandy genaamd. Hij werd lyrisch toen hij de dikte van hun poten, de kleur van hun vacht en hun kracht (“They pull a coach up to Eureka!”) beschreef. Hij toonde ons waar we bij het buitengaan de beesten, onooglijk klein op de heuvel, konden zien staan. Hij had gans zijn leven op dezelfde plaats gewoond, was enkel al eens naar Eureka gegaan, een klein stadje een dertigtal mijl verderop.

Vandaag maakten we een boswandeling door het prachtige Redwood National Park, van 6.5 mijl (!!), adembenemend mooi. Zoals ze dat hier zo schoon zeggen, “I’m a tree person”, geldt ook voor mij. Altijd geweest. Er gaat niets boven een boom, en zeker niets boven een bos. En het Redwood Forest staat nu helemaal bovenaan. Wat een inspirerende plek.

O, en we zagen elks (zoveel en zo dicht bij), een kleine grijze muis die aan een gigantsiche snelheid de tam van Big Tree (de grootste redwood in het park) opklom, heel veel Banana Slugs (knalgele naaktslakken) en een heel sympathiek superschoon vogeltje met een kuifje en veren in het mooiste blauw dat je ooit zag (foto’s bij b.).

Advertenties