We zijn terug. Het is hier veel te koud, te nat, er is te veel verkeer, te weinig blauw in de lucht, er zijn te veel treinen-met-vertraging, te veel mensen die vies kijken. De shock is groot. Maar het weerzien met de zoon maakte alles natuurlijk goed.

Toen we hem gisteravond in bed stopten, zei hij, tijdens een knuffel die pijn deed van de liefde, “Ik ben blij dat jullie terug thuis zijn. Nu kunnen we samen wachten tot de volksopstanden die nu in de Arabische landen plaatsvinden, overslaan naar België. En tot het Belgische volk onze regeringen-die-we-niet-hebben omver werpen. Alle vijf.”

Advertenties